naar de bespreking van BWV 33

Allein zu dir, Herr Jesu Christ (BWV 33)

Johann Sebastian Bach

1. Koor

Allein zu dir, Herr Jesu Christ,Alleen op u, Heer Jezus Christus
mein Hoffnung steht auf Erden;is op aarde mijn hoop gericht;
ich weiß, daß du mein Tröster bist,ik weet dat gij mijn trooster zijt
kein Trost mag mir sonst werden.en niets anders kan mij troosten.
Von Anbeginn ist nichts erkorn,Van meet af aan is er niets uitverkoren,
auf Erden war kein Mensch geborn,op aarde is er geen mens geboren
der mir aus Nöten helfen kann.die mij uit de nood helpen kan.
Ich ruf dich an,Ik roep u aan
zu dem ich mein Vertrauen hab.in wie ik mijn vertrouwen heb.

2. Recitatief (B)

Mein Gott und Richter,Mijn God en Rechter,
willt du mich aus dem Gesetze fragen,als gij mij vragen stelt uit de wet,
so kann ich nicht,dan kan ik,
weil mein Gewissen widerspricht,omdat mijn geweten het tegenspreekt,
auf tausend eines sagen.op duizend vragen geen antwoord geven.
An Seelenkräften arm und an der Liebe bloß,Ik ben arm aan geestkracht en liefde
undmeine Sünd ist schwer und übergroß;en mijn zonde is ernstig en bovenmatig groot,
dochweil sie mich von Herzen reuen,maar omdat ik van harte berouw heb
wirst du, mein Gott und Hort,zult gij, mijn God en Beschermer,
durch ein Vergebungswortdoor een woord van vergeving
mich wiederum erfreuen.mij wederom verheugen.

3. Aria (A)

Wie furchtsam wankten meine Schritte,Hoe angstig wankelden mijn schreden,
doch Jesus hört auf meine Bittemaar Jezus luistert naar mijn smeken
und zeigt mich seinem Vater an.en pleit voor mij bij zijn Vader.
Mich drückten Sündenlasten nieder,De last van mijn zonden drukte mij neer
doch hilft mir Jesu Trostwort wieder,maar Jezus' troostwoord helpt mij weer
daß er für mich genung getan.omdat hij voor mij heeft betaald.

4. Recitatief (T)

Mein Gott, verwirf mich nicht,Mijn God, verwerp mij niet,
wiewohl ich dein Gebothoewel ik uw gebod
noch täglich übertrete,nog dagelijks overtreed,
von deinem Angesicht!voor uw aangezicht!
Das kleinste ist mir schonHet kleinste gebod houden
zu halten viel zu schwer;is voor mij al veel te moeilijk;
doch, wenn ich um nichts mehrmaar wanneer ik maar bid
als Jesu Beistand bete,om niets meer dan Jezus' bijstand,
so wird mich kein Gewissensstreitdan zal geen gewetensnood mij
der Zuversicht berauben;van mijn vertrouwen beroven;
gib mir nur aus Barmherzigkeitgeef mij slechts uit barmhartigheid
den wahren Christenglauben!het ware christengeloof!
So stellt er sich mit guten Früchten einDat brengt goede vruchten voort
und wird durch Liebe tätig sein.en zal in liefde werkzaam zijn.

5. Aria / Duet (T, B)

Gott, der du die Liebe heißt,God die liefde heet,
ach, entzünde meinen Geist,ach, zet ook mijn geest in vuur en vlam,
laß zu dir vor allen Dingenlaat boven alle dingen
meine Liebe kräftig dringen!mijn liefde met kracht tot u doordringen!
Gib, daß ich aus reinem TriebeGeef dat ik met een zuiver motief
als mich selbst den Nächsten liebe;mijn naaste liefheb als mijzelf;
stören Feinde meine Ruh,en verstoren vijanden mijn rust,
sende du mir Hülfe zu!zend gij mij dan uw hulp!

6. Koraal

Ehr sei Gott in dem höchsten Thron,Eer zij God op de hoogste troon
dem Vater aller Güte,de Vader van alle goeds,
und Jesu Christ, sein'm liebsten Sohn,en Jezus Christus, zijn liefste Zoon
der uns allzeit behüte,die ons altijd moge behoeden,
und Gott dem Heiligen Geiste,en God de Heilige Geest,
der uns sein Hülf allzeit leiste,die ons zijn hulp altijd moge geven,
damit wir ihm gefällig sein,opdat wij hem dienstbaar zijn
hier in dieser Zeithier in deze tijd
und folgends in der Ewigkeit.en vervolgens in de eeuwigheid.
  
Libretto: Andreas Stübel (?) Vertaling: Leo de Leeuw

Kale tekst origineel

1. Koor

Allein zu dir, Herr Jesu Christ,
mein Hoffnung steht auf Erden;
ich weiß, daß du mein Tröster bist,
kein Trost mag mir sonst werden.
Von Anbeginn ist nichts erkorn,
auf Erden war kein Mensch geborn,
der mir aus Nöten helfen kann.
Ich ruf dich an,
zu dem ich mein Vertrauen hab.

2. Recitatief (B)

Mein Gott und Richter,
willt du mich aus dem Gesetze fragen,
so kann ich nicht,
weil mein Gewissen widerspricht,
auf tausend eines sagen.
An Seelenkräften arm und an der Liebe bloß,
undmeine Sünd ist schwer und übergroß;
dochweil sie mich von Herzen reuen,
wirst du, mein Gott und Hort,
durch ein Vergebungswort
mich wiederum erfreuen.

3. Aria (A)

Wie furchtsam wankten meine Schritte,
doch Jesus hört auf meine Bitte
und zeigt mich seinem Vater an.
  Mich drückten Sündenlasten nieder,
  doch hilft mir Jesu Trostwort wieder,
  daß er für mich genung getan.


4. Recitatief (T)

Mein Gott, verwirf mich nicht,
wiewohl ich dein Gebot
noch täglich übertrete,
von deinem Angesicht!
Das kleinste ist mir schon
zu halten viel zu schwer;
doch, wenn ich um nichts mehr
als Jesu Beistand bete,
so wird mich kein Gewissensstreit
der Zuversicht berauben;
gib mir nur aus Barmherzigkeit
den wahren Christenglauben!
So stellt er sich mit guten Früchten ein
und wird durch Liebe tätig sein.

5. Aria / Duet (T, B)

Gott, der du die Liebe heißt,
ach, entzünde meinen Geist,
laß zu dir vor allen Dingen
meine Liebe kräftig dringen!
Gib, daß ich aus reinem Triebe
als mich selbst den Nächsten liebe;
stören Feinde meine Ruh,
sende du mir Hülfe zu!

6. Koraal

Ehr sei Gott in dem höchsten Thron,
dem Vater aller Güte,
und Jesu Christ, sein'm liebsten Sohn,
der uns allzeit behüte,
und Gott dem Heiligen Geiste,
der uns sein Hülf allzeit leiste,
damit wir ihm gefällig sein,
hier in dieser Zeit
und folgends in der Ewigkeit.


Libretto: Andreas Stübel (?)
	

Kale tekst Nederlandse vertaling

1. Koor

Alleen op u, Heer Jezus Christus
is op aarde mijn hoop gericht;
ik weet dat gij mijn trooster zijt
en niets anders kan mij troosten.
Van meet af aan is er niets uitverkoren,
op aarde is er geen mens geboren
die mij uit de nood helpen kan.
Ik roep u aan
in wie ik mijn vertrouwen heb.

2. Recitatief (B)

Mijn God en Rechter,
als gij mij vragen stelt uit de wet,
dan kan ik,
omdat mijn geweten het tegenspreekt,
op duizend vragen geen antwoord geven.
Ik ben arm aan geestkracht en liefde
en mijn zonde is ernstig en bovenmatig groot,
maar omdat ik van harte berouw heb
zult gij, mijn God en Beschermer,
door een woord van vergeving
mij wederom verheugen.

3. Aria (A)

Hoe angstig wankelden mijn schreden,
maar Jezus luistert naar mijn smeken
en pleit voor mij bij zijn Vader.
De last van mijn zonden drukte mij neer
maar Jezus' troostwoord helpt mij weer
omdat hij voor mij heeft betaald.

4. Recitatief (T)

Mijn God, verwerp mij niet,
hoewel ik uw gebod
nog dagelijks overtreed,
voor uw aangezicht!
Het kleinste gebod houden
is voor mij al veel te moeilijk;
maar wanneer ik maar bid
om niets meer dan Jezus' bijstand,
dan zal geen gewetensnood mij
van mijn vertrouwen beroven;
geef mij slechts uit barmhartigheid
het ware christengeloof!
Dat brengt goede vruchten voort
en zal in liefde werkzaam zijn.

5. Aria / Duet (T, B)

God die liefde heet,
ach, zet ook mijn geest in vuur en vlam,
laat boven alle dingen
mijn liefde met kracht tot u doordringen!
Geef dat ik met een zuiver motief
mijn naaste liefheb als mijzelf;
en verstoren vijanden mijn rust,
zend gij mij dan uw hulp!

6. Koraal

Eer zij God op de hoogste troon
de Vader van alle goeds,
en Jezus Christus, zijn liefste Zoon
die ons altijd moge behoeden,
en God de Heilige Geest,
die ons zijn hulp altijd moge geven,
opdat wij hem dienstbaar zijn
hier in deze tijd
en vervolgens in de eeuwigheid.


		Vertaling: Leo de Leeuw